Wanneer een gemeente te maken krijgt met een groep mensen die dringend onderdak nodig heeft, zijn er verschillende opties om deze opvang te realiseren. Wat zijn deze opties voor gemeenten, wat zijn de verschillen tussen de soorten opvang en waarom kiezen steeds meer gemeenten voor DGO?
Crisisnoodopvang
In de praktijk worden de termen crisisnoodopvang en TGO (Tijdelijke Gemeentelijke Opvang) wel eens door elkaar gebruikt. Crisisnoodopvanglocaties zijn tijdelijke opvanglocaties die worden beheerd door het COA. Deze locaties, zoals sporthallen en evenementenhallen, hebben vaak weinig voorzieningen. De insteek is dan ook dat mensen hier zo kort mogelijk verblijven (maximaal 72 uur).
Vanwege de grote druk op crisisnoodopvang en de invoering van de Spreidingswet zijn gemeenten meer aan zet om zelf noodopvang te organiseren en beheren.
Spreidingswet
Met de komst van de Spreidingswet heeft elke gemeente in Nederland de wettelijke verantwoordelijkheid asielopvang mogelijk te maken. Vóór de invoering van deze wet konden gemeenten zelf kiezen om al dan niet opvanglocaties te realiseren. Dit functioneerde niet in de praktijk: er ontstond een tekort aan opvangplekken en de opvang werd niet eerlijk verdeeld over de verschillende gemeenten.
Het doel van de wet is te komen tot voldoende opvangplekken en een evenwichtiger verdeling van asielzoekers over provincies en gemeenten. Bij deze verdeling spelen factoren zoals het inwoneraantal en het welvaartsniveau van gemeenten een rol. TGO en DGO zijn instrumenten voor gemeenten om aan de taakstelling uit de Spreidingswet te voldoen.
Tijdelijke Gemeentelijke Opvang
Bij de instroom van groepen asielzoekers vraagt de Rijksoverheid gemeenten om tijdelijk crisisopvang te organiseren, in de vorm van Tijdelijke Gemeentelijke Opvang (TGO). De gemeente voert het dagelijks beheer en de begeleiding op de locatie grotendeels zelf uit, met ondersteuning van het COA. Het COA blijft eindverantwoordelijk en zorgt onder meer voor toegang tot zorg voor asielzoekers.
TGO heeft vrijwel altijd een looptijd van maximaal drie jaar. Gemeenten werken steeds meer toe naar duurzamere opvangvormen.
Wat is DGO?
In tegenstelling tot TGO heeft DGO een duurzaam karakter. DGO staat voor Duurzame Gemeentelijke Opvang en wordt ook wel ‘opvang in eigen beheer’ genoemd. Bij DGO hebben gemeenten meer zeggenschap en directe controle over de uitvoering van de opvang, het COA blijft wel eindverantwoordelijk.
De Spreidingswet schrijft voor dat DGO-locaties minimaal vijf jaar beschikbaar zijn. In tegenstelling tot TGO moet DGO aan dezelfde duur en kwaliteitseisen voldoen als reguliere asielopvang.
Waarom gemeenten kiezen voor DGO
Zolang de asielinstroom hoog blijft en er niet voldoende reguliere woonruimte beschikbaar is, moeten gemeenten nieuwe opvanglocaties blijven realiseren. TGO is echter vaak duur en vraagt om veel mankracht en expertise van gemeenten, terwijl het altijd van kortdurende aard is. Gemeenten moeten steeds op zoek naar nieuwe plekken voor opvang. Veel gemeenten zoeken dan ook naar alternatieve opvangvormen, waarbij zij zelf de invulling van de voorzieningen en begeleiding kunnen bepalen. Bij DGO blijft de samenwerking met het COA in stand, maar gemeenten hebben meer eigen regie.
Vanuit de Spreidingswet moeten alle gemeenten, dus ook kleine gemeenten, voldoen aan een taakstelling voor de opvang van asielzoekers. DGO stelt gemeenten in staat om opvang ook op kleinere schaal te realiseren. Gemeenten kunnen de duurzame opvang beter integreren in hun eigen doelstellingen. Zo kunnen ze bijvoorbeeld flexibeler inspelen op de lokale situatie en lokale bedrijven bij de invulling van de opvang betrekken.
Waarom Bedmobile
Bedmobile begrijpt dat elke vorm van noodopvang een grote uitdaging is voor gemeenten. Bedmobile is een ervaren leverancier van noodopvanglocaties. Wij ontzorgen gemeenten volledig in de realisatie van opvangvoorzieningen. Hierbij streven wij naar het hoogste maatschappelijke rendement. Neem gerust contact op om te bespreken wat wij voor jouw gemeente kunnen betekenen.